Onderzoek Vlaanderen 2004: Geen roos zonder doornen

In 2004 deden Jozefien Godemont en Alexis Dewaele onderzoek naar Vlaamse holebi ouderen. Ze hielden interviews met acht homomannen en negen lesbische vrouwen. De helft was tussen 55 en 59 jaar, drie waren 60-64 en vier waren ouder dan 70 jaar.

De Vlaamse oudere holebi’s vinden dat de maatschappelijke situatie door de jaren heen is verbeterd: juridisch, maar ook qua beeldvorming en attitudes. Bars zijn open ‘open en bloot’ waar ze vroeger luikjes en uitsmijters hadden.

Maar voor sommige mensen blijft het moeilijk zichzelf of homo’s te accepteren. De oudere holebi’s verwachten wel dat de maatschappij zich nog verder in positieve zin zal ontwikkelen.

Het merendeel van de geïnterviewden in dit onderzoek is van het “affirmative” type, dwz actief of actief geweest in de homo-emancipatie. Een enkeling is “passing”, dwz een vrouw zichzelf als heteronormatief gedraagt en haar lesbisch zijn ziet als slechts een (heel) klein deel van haar identiteit.

De meeste gedragen zich nu impliciet open, profileren zich niet als homo/lesbisch. Enkele vrouwen zijn terug in de kast gegaan, uit vrees voor heftige reacties op het werk en uit de omgeving. Anderen treden juist proactief op door situaties op te zoeken die problemen kunnen veroorzaken. Bijvoorbeeld door de ouders van a.s. partners van hun kinderen al snel op te zoeken en in te lichten over hun homozijn.

Veel Vlaamse homomannen hebben last van agisme in het uitgaansleven: ze krijgen vieze blikken en denigrerende opmerkingen van jongeren. Er is geen agisme in de SM scene, die volgens oudere mannen toleranter is en er komen minder jongeren. Vrouwen lijken geen last te hebben van agisme.

Vrouwen vinden hun situatie als homo/lesbische oudere niet moeilijker dan hetero-ouderen, maar geven wel aan dat ze geluk hebben en dat andere homo/lesbische ouderen misschien wel in een moeilijker positie zouden kunnen verkeren. Mannen hebben daar meer moeite mee.

Wel denken veel respondenten dat het moeilijker zal worden als ze er niet voor uit kunnen komen in een verzorgingstehuis.

Volgens vrouwen verouderen mannen sneller dan vrouwen vanwege de nadruk op het jong zijn onder homomannen.

De meeste respondenten hebben geregeld maar oppervlakkig contact met familie. Er is niet sprake van een ‘family of choice’ of zelfgekozen familie als compensatie.

Zij voelen zich niet eenzaam, behalve nadat een relatie is uitgegaan. Maar zien wel dat andere oudere holebi’s dat zijn. Een aantal roept hulp in bij het huishouden, dat betaald verricht wordt. De familie helpt niet mee.

Vrouwen die later uit de kast kwamen en pas gingen werken na een scheiding zitten, als de scheiding na hun 40e was, financieel in een moeilijke situatie.

Mannen met een relatie en vrouwen hebben een gevarieerd, maar vaak ook zwakker netwerk.

Respondenten die ooit gehuwd waren met een partner van het andere geslacht hebben een steviger netwerk.

Behoeften

De Vlaamse holebi ouderen formuleren de volgende behoeften:

  • Kritisch zijn op idee van homospecifieke behoeften
  • Geen behoefte aan contact; hebben ze al
  • Alleenstaanden hebben dat contact minder maar hebben vaak negatieve ervaringen met uitgaansleven “zolang ik er geen mensen ken, wil ik er niet naartoe gaan”. Dit vaak in combinatie met ‘weak ties’ netwerk.
  • Wel leuk als er meer holebiverenigingen zouden zijn
  • Meeste willen wel meer holebi-activiteiten (vrouwen: wandeling, film, praatcafé; mannen: uitgaan zonder agisme, dansen)
  • Mannen vinden buddysysteem aantrekkelijk
  • Men voorziet geen mantelzorgproblemen (men is rijk genoeg en heeft vrienden)
  • Voorlichting in verzorgingstehuizen
  • Vrouwen vinden begijnhofformule interessant: zelfstandig, bij elkaar, geen betutteling en sociale druk
  • Mensen met een ‘gemengde’ geschiedenis vinden dit niet nodig, maar willen wel respectabele behandeling

Aanbevelingen

De onderzoekers komen teslotte tot de volgende aanbevelingen:

  1. Reach-out projecten specifiek voor lesbiennes
  2. Label holebivriendelijkheid zorginstellingen
  3. Voorlichting over ouderendiscriminatie binnen homo-uitgaansmilieu
  4. Activiteiten voor ouderen door helobiverenigingen, meer geografische spreiding daarvan, intergenerationele activiteiten
  5. Meer openheid binnen regulier uitgaanscircuit voor holebi;s bevorderen
  6. Dit onderzoek kwantitatief doen voor representatief beeld
  7. Actieonderzoek naar holebivriendelijkheid in de zorg
  8. Onderzoek naar coming-out en coming-in bij lesbiennes en homomannen

 

Bron: Godemont, Jozefien & Alexis Deweale (2004) ‘Geen roos zonder doornen: oudere holebi’s, hun sociale omgeving en specifieke behoeften. Een verkennend onderzoek naar de visie van oudere holebi’s in Vlaanderen’. (Antwerpen: Steunpunt Gelijkekansenbeleid (ALUC) www.steunpuntgelijkekansen.be Link onderzoek (pdf): http://www.vlaamse-ouderenraad.be/file?fle=1492